Circulaire economie onmisbaar voor halen klimaatdoelen, maar komt moeilijk van de grond

Het kabinet wil een halvering van het grondstoffengebruik in 2030 en een volledig circulaire economie in 2050. Maar het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) concludeert in een onderzoek naar circulaire activiteiten dat de ontwikkeling van nieuwe initiatieven niet snel genoeg gaat.

In een circulaire economie streeft men naar een minimaal gebruik van nieuwe grondstoffen en maximalisatie van hergebruik van producten. Uit de PBL inventarisatie blijkt dat er in Nederland 85.000 bedrijven en andere organisaties circulaire activiteiten ondernemen. Sinds 2016 zijn er 1500 echt nieuw en innovatieve activiteiten bijgekomen. De ontwikkeling van dit aantal is veel te laag om de klimaatdoelen van dit kabinet te halen.

Tevens is de focus op recycling activiteiten te groot, deze leveren relatief weinig grondstofbesparingen op. Het gebruik van tweedehands spullen, het ontwikkelen van producten met een innovatief duurzaam design en het opzetten van deel- en verhuurplatformen zijn effectievere manieren om klimaatwinst te boeken.

Volgens het PBL moet er meer aandacht en waardering komen voor het hergebruik van bestaande spullen en moet belemmerende wet- en regelgeving worden aangepast. Tevens zijn (extra) milieuheffingen onmisbaar voor een transitie naar een circulaire economie. Deze heffingen maken vervuilende producten duurder maken en schone producten relatief goedkoper.

Door alle milieukosten door te berekenen in de prijs van producten wordt het voor producenten aantrekkelijker om te investeren in efficiënter gebruik van grondstoffen. Tevens zullen schone innovatieve circulaire producten en diensten hierdoor sneller doorbreken naar een groot publiek. 

 


Lees wat we naast een transitie naar een circulaire economie nog meer kunnen doen tegen klimaatverandering: 

> Dit kunnen we in Nederland doen om klimaatverandering tegen te gaan

 

Lees ook: